Simpelste berekening voor een appeltje voor de dorst

Stel nou dat je momenteel 500 euro per maand opzij kunt zetten voor je pensioen. Stel dat je later denkt te kunnen leven van 1500 euro per maand. Stel, dat de rente die je verdient op het opzij gezette geld, evenveel is als de inflatie en de extra vermogensbelasting die je moet gaan betalen zodra je boven de 20.000 euro komt (grofweg). Dit lijkt me een lage inschatting, ik hoop toch dat je vermogen harder groeit, in ieder geval als de spaarrentes weer wat aantrekken, maar goed.

Elk jaar verhoog je je maandelijkse bijdrage ook met de inflatie. Als je in het eerste jaar 500 euro per maand spaart en de inflatie blijkt 2% te zijn, spaar dan in het tweede jaar 510 euro per maand. Als het goed is, groeit je inkomen ook een beetje, dus waarschijnlijk moet het verhogen van je bijdrage prima lukken.

Als je 500 euro per maand kunt sparen, spaar je 6000 euro per jaar. Die 6000 euro zijn voldoende om 4 maanden van te leven. Elke drie jaar dat je spaart, kun je dus ook één jaar vrij nemen.

Als je als beginnende werker op je 30e begint met zo te sparen, heb je op je 60e (als je elk jaar hebt kunnen en mogen werken en sparen) genoeg geld om tien jaar volledig van te leven.

Dit is dus een heel simpele berekening. Je kunt het veel ingewikkelder maken door wél inflatie en opbrengst/rente apart mee te berekenen, door precies te berekenen hoeveel je aan belasting zult moeten betalen en door voor elk jaar afzonderlijk in te schatten hoeveel je kunt sparen. Mogelijk kom je dan dichter bij de waarheid, maar aangezien er toch veel onzekerheden en schattingen in zitten, blijft het natte-vinger-werk. Misschien is het dan beter om gewoon te beginnen aan de hand van deze simpele berekening, en na vijf of tien jaar eens je vooruitgang te meten. Beginnen is belangrijker dan de precieze einddatum al weten 🙂 .

Advertenties

Reacties staat uit voor Simpelste berekening voor een appeltje voor de dorst

Opgeslagen onder Geld en besparen

Reacties zijn gesloten.